Mindfulness en haar oorsprong: sati

We kennen mindfulness tegenwoordig als het aandachtig aanwezig zijn bij de ervaring op dit moment, zonder oordeel en met opzet. Die betekenis heeft het begrip echter in de traditionele contexten – Theravada, Zen en Tibetaans Boeddhisme – nooit gehad.

Maar dat is niet erg; het gaat bij deze definitie niet zozeer om de doctrinaire correctheid maar om de praktische toepasbaarheid ervan in het dagelijks leven van de gemiddelde mindfulness beoefenaar.

In the seen will be merely what is seen; in the heard will be merely what is heard; in the sensed will be merely what is sensed; in the cognized will be merely what is cognized.

Bahiya Sutta, Translated by John. D. Ireland

De boeddhistische wortels van mindfulness

Mindfulness is de vertaling van het Pali woord sati, hetgeen herinnering betekent. Het woord heeft oude Indiase wortels en komt ook in de eerdere Vedische traditie regelmatig voor.

De oudst overgeleverde boeddhistische geschriften geven het de extra betekenis van een mentale functie die ontwikkeld kan worden en die gericht kan worden op de vier kaders van lichaam, gevoelstonen, geest en mentale eigenschappen (ook wel dhamma’s genoemd). Deze opmerkzaamheid maakt het mogelijk om objecten te kennen zoals ze zich op dit moment aan je tonen, zonder volledig op te gaan in de continue stroom van interpretatie die de geest er steeds aan toevoegt.

Om het nog wat ingewikkelder te maken kun je ook opmerkzaam zijn op die continue stroom van interpretatie als een mindfulness oefening, kun je opmerkzaam zijn op de eenvoudige aan- of afwezigheid van objecten en kun je opmerkzaam zijn van het gedrag van je bewustzijn zelf.

Een ander gebruik van het woord sati in de vroegste boeddhistische geschriften is “bewust”. Bewust van het verschil tussen goed en kwaad, vaardig en onnozel, handig en onhandig, bewust van het doel van je beoefening en bewust van de wijze lessen die je al hebt geleerd in je leven ben je op dit moment bewust aanwezig bij de inhoud van je ervaring.

Zoals je wellicht hebt begrepen is het begrip van mindfulness centraal aan het bewandelen van het pad naar het ontwaken uit het Boeddhisme. Het woord heeft meerdere betekenissen. Ze hebben allemaal echter te maken met een bepaalde manier van bewust aanwezig zijn bij wat er nu gebeurt.

Controverses in het Westers gebruik van de term mindfulness

Vaak wordt er een “kennend” element toegevoegd aan de eigenschap van mindfulness. Hier is geen rechtvaardiging voor in de geschriften, noch in de hedendaagse praktijk van de traditionele religie. De geschriften spreken over sampajañña, helder begrip, dat wordt blootgelegd en ontwikkeld door het correct toepassen van mindfulness. Het tegelijk aanwezig zijn van deze beide mentale eigenschappen maakt een meditatief moment werkelijk krachtig. Het is dan ook niet vreemd dat sommige Westerse meditatieleraren ze tezamen onderwijzen onder 1 noemer.

Tenslotte wordt er in het Westen vaak gezegd dat mindfulness niet-oordelend behoort te zijn. Dit is niet zo gemakkelijk terug te vinden in de boeddhistische geschriften die bijvoorbeeld spreken over:

“Abandon what is unskillful, monks. It is possible to abandon what is unskillful. If it were not possible to abandon what is unskillful, I would not say to you, ‘Abandon what is unskillful.’ But because it is possible to abandon what is unskillful, I say to you, ‘Abandon what is unskillful.’ If this abandoning of what is unskillful were conducive to harm and pain, I would not say to you, ‘Abandon what is unskillful.’ But because this abandoning of what is unskillful is conducive to benefit and pleasure, I say to you, ‘Abandon what is unskillful.’

“Develop what is skillful, monks. It is possible to develop what is skillful. If it were not possible to develop what is skillful, I would not say to you, ‘Develop what is skillful.’ But because it is possible to develop what is skillful, I say to you, ‘Develop what is skillful.’ If this development of what is skillful were conducive to harm and pain, I would not say to you, ‘Develop what is skillful.’ But because this development of what is skillful is conducive to benefit and pleasure, I say to you, ‘Develop what is skillful.'”

Kusala Sutta, vertaald door Thanissaro Bikkhu

Niet echt oordeelloos!

Waar komt dit dan toch vandaan? Ik denk dat het samenhangt met twee factoren die elkaar kruisen. Ten eerste is het zo dat de mindfulness methode die we momenteel in het Westen kennen voortkomt uit een stressreductie-methode die ten doel heeft om mensen met chronische pijn of stress zover te krijgen hun omstandigheden te accepteren. Acceptatie verlicht wat niet veranderd kan worden en maakt verandering van de rest een stuk eenvoudiger omdat je niet meer zo aan het strijden bent. Dit zijn lessen uit de stroming van de positieve psychologie die weinig te maken hebben met de wortels van mindfulness.

De tweede factor die hier volgens mij meespeelt is dat de boeddhistische traditie ook een andere mentale eigenschap benadrukt, en dat is gelijkmoedigheid. Vooral tijdens meditatie wordt deze gelijkmoedigheid stevig ontwikkeld. Tijdens boeddhistische meditatie is het de bedoeling om alles dat zich aan je voordoet met dezelfde gelijkmoedigheid gade te slaan, en vervolgens niet te reageren. Door te reageren hou je de mentale formaties die je gevangen houden namelijk in stand en alleen door gelijkmoedig te blijven en niet te reageren worden ze steeds verder verzwakt waardoor je jezelf uiteindelijk kunt bevrijden van de ketenen die je weerhouden van de ultieme vrijheid van Nirvana.

Ik denk dat traditioneel wordt gewezen op het eenvoudige beleven van wat er zich dan ook op dit moment aan je voordoet, op een manier die niet meegaat in de inhoud van de ervaring maar die zich er ook niet tegen verzet. Een manier die door continue training steeds sneller precies weet wat er zich aan je bewustzijn voordoet en daar nieuwsgierig naar is, liefdevol bij aanwezig is en dankbaar voor is. Zodat het potentieel voor effectief leren en effectieve transformatie maximaal is.

Uiteraard liggen de doelen anders, bij traditionele boeddhistische meditatie en de hedendaagse mindfulnessbeweging. De eerste zoekt een uitweg uit de totaliteit van het menselijke lijden en de tweede probeert dat lijden een heel klein beetje minder groot te maken. De eerste zoekt de volkomen transcendentie van Nirvana en de tweede probeert de levens van de gemiddelde ingebedde mens iets beter te maken. De eerste verwacht dat serieuze beoefenaars intreden in een klooster en de tweede probeert mensen juist zoveel mogelijk buiten de klinische instituties te houden.

De vereenvoudiging van het mindfulness-concept om deze tweede groep aan te spreken is dan ook prima verklaarbaar. Waarom zou je drie nieuwe termen introduceren waar je er met wat wringen met eentje ook vooruit kunt? De kennis blijft immers aanwezig voor hen die geïnteresseerd zijn om wat dieper te duiken…

Geef een reactie